Beleef mijn leven als…opvoeder

 

In dit nummer (her)ontdekken wij het beroep van opvoeder. We ontmoeten Thomas HARCKMANS, die werkzaam is bij het UKZKF.

Hoe ben jij bij het UKZKF terechtgekomen, Thomas ?

Zoals veel van mijn collega’s, denk ik, via een stage. Ik heb stage gelopen bij het UKZKF en ben nooit meer weggegaan. Elke eenheid van het UKZKF heeft nu een opvoeder en ik denk dat ik de oudste ben. We zijn allemaal gespecialiseerde opvoeders, maar een opleiding tot opvoeder in ziekenhuizen bestaat niet, dat vak leer je in de praktijk.

Hoe ziet de dag van een opvoeder eruit?

In zaal 66 beginnen we met het uitdelen van de maaltijden om 8 uur. Bij ons hebben de opvoeders immers besloten om voor die taak te zorgen. Het is een geweldige manier om in contact te komen met de kinderen die net in de eenheid zijn aangekomen, hen te zeggen waar de speelzaal is en hen uit te leggen wat ik doe. De rest van de dag is de speelzaal ons kantoor.

Wat doe jij eigenlijk precies?

Kortom, doe ik alles om ervoor te zorgen dat het kind het ziekenhuis met goede herinneringen verlaat. En dat kan natuurlijk vele vormen aannemen: ik organiseer knutselactiviteiten zodat het kind een klein voorwerp kan maken. We spelen spelletjes om het kind vertrouwen te geven. Maar ik begeleid het ook naar de onderzoeken die het moet ondergaan als zijn ouders er niet zijn. En op dat gebied hebben we onder opvoeders gewerkt aan de ontwikkeling van een reeks hulpmiddelen om het kind voor, tijdens en na de zorg af te leiden: van zeepbellen tot een virtual reality-bril. Als het goed voorbereid is en als het kind het middel mag nemen dat het verkiest, is dat zeer geruststellend voor hem, zeer aangenaam voor het verzorgend personeel en zeer lonend voor ons, opvoeders.

Ten slotte ben ik verantwoordelijk voor uitstapjes en gelegenheidsevenementen zoals de paaseierenjacht, het sinterklaasfeest, de reis naar Disneyland Parijs die we hebben georganiseerd, ….

Welke eigenschappen moet een opvoeder hebben om in deze voor het kind “ietwat speciale” omgeving te werken?

Ik denk dat je vooral proactief moet zijn, naar het kind toe moet gaan. Daarom hebben we vrij weinig geplande activiteiten. Ik ga liever van kamer tot kamer, ga de kinderen halen en doe wat ze willen doen. Je moet ook een beetje abstractie kunnen maken van de reden waarom het kind daar is. Ik vind dat ik hier ben voor het kind, niet voor zijn ziekte.

Welke eigenschappen moet een opvoeder hebben om in deze voor het kind “ietwat speciale” omgeving te werken?

Ik denk dat je vooral proactief moet zijn, naar het kind toe moet gaan. Daarom hebben we vrij weinig geplande activiteiten. Ik ga liever van kamer tot kamer, ga de kinderen halen en doe wat ze willen doen. Je moet ook een beetje abstractie kunnen maken van de reden waarom het kind daar is. Ik vind dat ik hier ben voor het kind, niet voor zijn ziekte.

Welke kinderen herinner je je in het bijzonder?

Het lijstje is lang: ik zal natuurlijk nooit de liefdesbrief vergeten die een tienermeisje me schreef dat in mijn eenheid was opgenomen. Er is zoveel tact nodig om adequaat te reageren op iets dat zo intiem is. Maar ook het kind dat zo graag met dolfijnen zwom in de virtuele realiteit dat hij de bloedprik niet voelde. We barstten allemaal in lachen uit toen het vroeg om gewaarschuwd te worden voordat we zouden prikken terwijl de naald al was verwijderd!